Luis in de pels of Fabeltjeskrant? - Een column over media en de politiek
Omdat ik niet lijfelijk aanwezig kon zijn bij het Politiek Cafe van CDA Leiden van februari heb ik deze column ingesproken en voorzien van enkele audiofragmenten (in de tekst is aangegeven waar ze zich bevinden). Binnenkort zal ik hier een link plaatsen naar het audiobestand om de column te beluisteren.
‘Het grote, blonde beest’, zo noemde Gerrit Zalm haar ooit. Pim Fortuyn riep haar toe: 'Ga toch koken' [audiofragment ‘ga toch koken’] Als journaliste Wouke van Scherrenburg de gemoederen van politici zodanig bezighoudt, kun je jezelf afvragen of de rollen hier zijn omgedraaid. Zijn de media heden ten dage nog luis in de pels of zijn ze te dominant over de politiek? Zijn naast de drie traditionele machten niet de ambtenaren en ook niet de lobbyisten, maar de media de nieuwe vierde macht? En: beschouwt Mark Rutte daarom nieuwslezer Sacha de Boer als zijn droomvrouw?
Dit zijn allen belangrijke vragen die niet lichtzinnig moeten worden opgevat. Partijleiders, houd uw fractieleden thuis. Wees toch bedacht op die verdraaide media! Ze manipuleren geheid hun berichtgeving: bewust dan wel onbewust. En laat dát nu net géén nieuws zijn. Al in het klassieke Athene waren publieke figuren doelwit van de voorloper van de massamedia: het theater. De filosoof Socrates werd door Aristophanes in diens toneelstuk ‘De Wolken’ reeds valselijk neergezet als een goddeloze sofist, die voor veel geld de jeugd retorische trucjes bijbracht. Hoewel het ogenschijnlijk een onschuldige parodie betrof, zou Socrates jaren later wel voor dezelfde aanklacht ter dood veroordeeld worden. Dat was Socrates met fatsoenlijke mediatraining en een goede spin doctor natuurlijk nooit gebeurd. ‘Ik weet dat ik niets weet’, kom daar als minister maar eens mee aan bij het Acht Uur Journaal. Toch blijkt dat bij nader inzien vaak de strekking van een politieke soundbite. [Audiofragment Rita Verdonk]
Waren de ‘oude’ media – krant en radio – al vervelend voor politici, de nieuwe media televisie en internet leggen helemaal alles genadeloos bloot. Legendarisch was het eerste tv-debat tussen Amerikaanse presidentskandidaten Kennedy en Nixon in 1960. Luisteraars via de radio vonden de ongeschoren en hevig zwetende maar inhoudelijk sterke Richard Nixon de winnaar, maar tv-kijkers prefereerden de charismatische John F. Kennedy, die vervolgens de verkiezingen won. Onder druk van de moordende concurrentie is berichtgeving op de Amerikaanse 24-uurs nieuwskanalen intussen verworden tot lasterlijke sensatiezucht. Hun lijfspreuk? ‘If it bleeds, it leads’. [audiofragment VS newschannel: 'obama is a cigarette smoker'] Zover is het bij ons nog niet, alhoewel sommige websites niet meer berichten over hetgeen politici in de mond nemen, tenzij het een seksuele handeling betreft. Ik ben het met u eens: werkelijk Geenstijl.
Zijn de media niet doorgeslagen en verworden tot een soort Fabeltjeskrant? Zijn wij genoodzaakt bij alle berichtgeving te vragen: [audiofragment ‘echt waar’ uit fabeltjeskrant] In de Verenigde Staten haast wel zou ik zeggen, met zijn soms sterk gekleurde media in de handen van bedrijven met grote politieke belangen. Zo heeft de conservatieve zender Fox News als slogan ‘Fair and Balanced’. Ammehoela! Talkshow host Bill ‘O Reilly zet gewoon de microfoon uit als het commentaar van een gast hem niet bevalt. Het gevleugelde gezegde mag dan luiden ‘There is no such thing as bad publicity, as long as they spell your name right.’ Vertel dat maar aan Hillary Clinton die in de media al is afgeserveerd, terwijl ze slechts een minimale achterstand heeft op Barack Obama.
De hamvraag is: wat doe je er aan? Helemaal niets vrees ik, verzetten is zinloos en wie niet mee gaat in de vaart der volkeren is enerzijds nostalgisch en anderzijds een kansloos politicus. Want het mes snijdt aan twee kanten. Politici hebben de media hard nodig, de tijd van zeepkistjes in Hyde Park is voorbij. Zonder tv-debat geen verkiezingswinst, vraagt u maar aan Alexander Pechtold. Het is wel een stormachtig huwelijk: zeg maar gerust een haat-liefde verhouding. Hoe vaak hoor ik politici niet klagen dat de media hun boodschap verkeerd hebben weergegeven. Hoe vaak hoor ik de media vervolgens niet verzuchten dat ‘zij het zeker weer gedaan hebben’. Gelukkig kunnen zij deze zich eeuwig herhalende komedie op de vrijdagmiddagborrel bijleggen met een pilsje of twee in Café de Nieuwspoort.
In tegenstelling tot de Verenigde Staten kan ik me in Nederland nauwelijks aan de media storen. Laten we blij zijn dat we vrijheid van meningsuiting hebben en geen enkele vorm van censuur kennen. De vermeende politiek gekleurde berichtgeving van bijvoorbeeld de Volkskrant of de Telegraaf neem ik voor lief aan en middelt over het geheel genomen wel uit. Elke avond weer val ik met een gerust hart in slaap met op de achtergrond: [audiofragment ‘met het oog op morgen’] Kijk, zo hoor ik het graag, de Nederlandse media niet als vierde macht en ook niet als de Fabeltjeskrant, maar nog gewoon ouderwets omgeven door een spruitjeslucht!
maandag 21 april 2008
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten